Nijmegen in de middeleeuwen.

LINK: Stadswandeling Middeleeuws Nijmegen |

Wat er in deze streken gebeurde nadat de Romeinen vertrokken (rond 270 de meeste, rond 450 de laatste) is lange tijd onduidelijk gebleven. Vast staat dat Nijmegen aan het begin van de Middeleeuwen een Merovingisch steunpunt was, maar verder is er over die periode is niet zo heel veel bekend. Dat is niet zo vreemd, omdat het gebied na het vertrek van de Romeinen veel minder stedelijk was georganiseerd. Gebouwen waren vaak van hout en dat wordt in de Nijmeegse bodem slecht geconserveerd. Ook zijn er over die tijd minder geschreven bronnen bekend. Oude geschiedenis gaat meestal over hoogtepunten en elites en als die er niet zijn, zijn er ook weinig aanknopingspunten voor een voor ons zinnig, compleet verhaal.

Nijmegen moet enkele eeuwen na de Romeinen een gemiddelde vroeg-middeleeuws nederzetting zijn geweest, maar niet helemaal zonder betekenis: er zijn er genoeg vondsten gedaan om dat aan te tonen, zoals in Nijmegen geslagen munten, aardewerk en grafvondsten.

We laten ons verhaal hier rond 750 beginnen, bij Karel de Grote. En dan is het ook meteen weer raak.


Keizerstad Nijmegen.

Karel de Grote

Karel de Grote leefde van rond 743 tot 814. Hij was niet alleen lang, voor die tijd leefde hij ook lang: ruim 70 jaar.

Rond zijn vijfendertigste, in 777, bezocht Karel de Grote de burcht die hij hier in Nijmegen had laten bouwen.

Vorsten in die tijd bestuurden hun rijk niet vanuit een centrale (hoofd)stad, maar hadden verspreid over het rijk meerdere burchten van waaruit ze bestuurden. Ook Nijmegen was zo'n plek waar de keizers geregeld kwamen om wetten uit te vaardigen, recht te spreken en belastingen te innen. Karel liet hier zijn Palts (kasteel) bouwen op wat later het Valkhof zou gaan heten. Het moet een van de indrukwekkendste van zijn burchten zijn geweest. Ook na 777 is Karel verschillende keren met Pasen naar Nijmegen afgereisd om zich hier in zijn palts op het Valkhof met het bestuur van deze streken bezig te houden. Dat Nijmegen belangrijk voor hem was blijkt alleen al uit het feit dat hij hier met Pasen was, het belangrijkste Christelijke feest. Stel je daarbij een groot, indrukwekkend gezelschap voor dat dan voor veel opwinding in de stad zorgde. Meer over het Valkhof.

Keizer Frederik Barbarossa

Keizer Frederik Barbarossa bouwde voort op de palts van Karel de Grote en liet vanaf 1155 op het Valkhof een burcht bouwen. Op het Valkhof kun je nog een deel van de kapel van zijn burcht zien: de Barbarossaruïne of Maartenskapel. Zelfs aan de weinige restanten kun je zien dat Barbarossa hier een machtige burcht heeft gebouwd. Hij wilde daarmee dan ook in de voetsporen van de Romeinen treden, zoals hij op een in het Valkhofmuseum bewaarde inscriptie omstandig heeft uitgelegd. Meer over Barbarossa en het Valkhof.

Een Gelderse stad.

Oudste stadszegel van NijmegenOp 31 augustus 1230 verleende Rooms-koning Hendrik VII Nijmegen stadsrechten op basis van de rechten van de stad Aken. Daarmee werd Nijmegen Rijksstad. Dit betekende dat de stad een eigen stadsbestuur en eigen rechtspraak kreeg. In 1233 kreeg Nijmegen zijn eigen zegel.

De stad heeft maar kort van dit voorrecht kunnen profiteren want al in 1247 werd Nijmegen onderdeel van Gelre toen Willem van Holland de burcht aan Graaf Otto II van Gelre en Zutphen verpandde om zo zijn schulden af te lossen. Omdat de schuld nooit werd ingelost is Nijmegen daarna altijd Gelders gebleven. 

De overgang naar Gelre was, hoewel waarschijnlijk een klap in het gezicht van de stad, niet slecht voor haar ontwikkeling. Graaf Otto stak veel geld en energie in de ontwikkeling van Nijmegen. In de periode die volgde ontwikkelde de stad zich snel en goed om uiteindelijk met afstand de belangrijkste in het Hertogdom te worden.

Middeleeuwse feiten over Nijmegen.

In 1274 werd na een bouwperiode van 24 jaar de Stevenskerk geopend.
Aan het eind van de 13e eeuw werd de stad versterkt met een aarden wal, die vanaf het Valkhof (dwars door het huidige centrum) tot aan de Oude Haven liep.

Begin 14e eeuw ontstond aan de voet van de Valkhofheuvel een levendige handel. In 1402 werd Nijmegen een Hanzestad. In het eerste kwart van de 15e eeuw werd er een stenen muur om de oude stad heen gebouwd, ter vervanging van de aarden wal.

Het culturele klimaat was goed: rond 1400 werden hier de grondleggers van de Nederlandse schilderkunst geboren: Maelwael  en de Gebroeders Van Lymborch (tot voor kort ten onrechte als van Limburg aangeduid). Vreemd genoeg zijn die in alle buitenlanden beter bekend en worden die hoger gewaardeerd dan in ons eigen land. Een uitzondering vormen de prachtige en blijvend unieke tentoonstelling in 2005 (Valkhofmuseum, Nijmegen) en een mooie tentoonstelling in 2017 (Rijksmuseum, Amsterdam).

Er ontstond een levendige handel, het godsdienstig leven, zo belangrijk in de Middeleeuwen, floreerde en de stad had een belangrijke stem in de ontwikkeling van Gelre en daarmee van het Nederland zoals we dat nu kennen.
Gebruik is gemaakt van Wikipedia en een lemma op de site van het Huis van de Nijmeegse Geschiedenis

Deze pagina is het laatst gewijzigd op 07-09-2019.