Het Oppidum Batavorum

Toen de Romeinen hier hun legerplaatsen vestigden sloten ze een verbond met de plaatselijke bevolking, de Bataven die zich vanuit het huidige Duitsland in de Betuwe hadden gevestigd. Ze hadden onder meer nederzettingen in het huidige Lent en de wijk Oosterhout (Nijmegen-Noord).

Kaartje van het Oppidum Batavorum (Batavordurum,
 woonplaats van de Bataven) in NijmegenDe Bataven waren een moedig volk en het verbond met de Romeinen was voor beiden gunstig: de Romeinen kregen de beschikking over goed geoefende soldaten die de omgeving goed kenden. De Bataven hoefden geen belasting te betalen en hadden vast nog wel meer pré's.

Een tactiek die de Romeinen overal toepasten was:  steden vestigen. Op die manier kregen ze de controle over de grensregio's.

Ook hier in Nijmegen richtten ze een bestuurscentrum op. Dit Opidum Batavorum lag op één van de zeven heuvels waarop Nijmegen is gebouwd, globaal in het gebied tussen het huidige Keizer Traianusplein, de Mariënburg en de Korte Nieuwstraat. 

Stel je Oppidum Batavorum voor als een stadje met een rechthoekig stratenpatroon (zoiets als het vierkante vissersstadje Elburg nu) en houten huizen. Het was een levendig en multicultureel centrum. Bataven, Romeinen en Gallo-Romeinen woonden en werkten hier. Het waren mensen met beroepen die je ook nu in een levendige stad aantreft: herbergiers, ambtenaren, kooplui en ambachtslieden. Een levendig gebeuren.

Bataafse opstand, 69 na Chr.

Balustrade met tekst Hier stond Claudius Civilis ... op het Valkhof in NijmegenIn 69 n.Chr kwamen de Bataven in opstand tegen hun bondgenoten onder leiding van Julius (de oude, foutieve naam is Claudius) Civilis. Het Oppidum Batavorum werd, voordat ze zich in de Betuwe terugtrokken, in brand gestoken. Dat was vooral ingegeven door angst: Julius Civilis was bang dat hij het niet zou redden tegen de Romeinen die onderweg waren om de opstand neer te slaan.

Een citaat op de balustrade nabij de kapel op het Valkhof geeft dat in beklemmende woorden weer:

"HIC STETIT, HIC FRENDENS AQUILAS HIC LUMINE TORVO CLAUDIUS ULTRICES VIDIT ADESSE MANUS".

Hier stond hij,
hier zag hij knarsetandend de adelaars (op de Romeinse banieren),
hier zag Claudius met grimmige blik de wrekende legers (van de Romeinen) naderen.

In 2005 kwamen bij opgravingen in het gebied van het Oppidum vele restanten van de stad tevoorschijn. Daaronder stenen kelders èn sporen van de verwoestende brand die in 69 n.Chr de boel in de as legde.

Een tweede stedelijke nederzetting kwam ervoor in de plaats: Noviomagus.

Meer: