De Barbarossaruïne of Sint Maartenskapel

Naar de Barbarossaruïne kun je, net als naar de Nicolaaskapel, uren kijken en steeds weer iets anders zien. Steeds andere vragen komen in je op. Zoveel verschillende details, zoveel bouwsporen.... zoveel te fantaseren ook! Hier de grote lijnen, met een boeken-aanbeveling.


Frederik I Barbarossa (met de rossige baard) liet rond 1155 een nieuwe grote burcht op het Valkhof bouwen. Op de resten van het Romeins castellum en op de plaats van de palts van Karel de Grote. Bij de bouw van zijn paleis maakte Frederik gebruik van sloopmateriaal, zoals Romeinse bouwfragmenten en graf- en gedenkstenen, vooral van tufsteen. In de ruïne van de kapel zijn dan ook Romeinse zuilen en Karolingische kapitelen te vinden. Als je goed kijkt, zie je dat geen enkele kraagsteen of kapiteel  hetzelfde is.
Je zou je bijna van een "bij elkaar geraapt zooitje" spreken als het niet zo mooi was en zo mooi harmonieerde.

Hergebruik van Romeinse en Karolingische bouwfragmenten

Na het vertrek van de Romeinen wist niemand meer hoe je stenen moest bakken. Geen wonder dat er van her en der resten van Romeinse gebouwen aangesleep werden om toch in steen te kunnen bouwen. Er was geen alternatief als je je huis of burcht niet te kwetsbaar voor brand wilde maken. Destijds waren zelfs houten schoorstenen in gebruik.

Pas halverwege de 13e eeuw werd het steenbakken door kloostermonniken (kloostermoppen) weer opgepakt .

Vanaf de Franken is er zo ontzettend veel aan Romeinse gebouwen verloren gegaan. Vooral uit het Bataafs-Romeinse Noviomagus en de kampementen die hier lagen is veel weggehaald.

Eerder werd trouwens ook al bij de bouw van de (nog steeds te bezichtigen) St. Nicolaaskapel rond het jaar 1000 Romeins materiaal, en dan vooral tufsteen, gebruikt.

Er is in de Barbarossaruïne behalve Romeins materiaal ook later materiaal, vermoedelijk uit de Karolingische periode aangetroffen, zoals enkele graven die afkomstig moeten zijn van het kerkhof van de eerste parochiekerk van de stad. Ook de twee zuilen met Karolingische kapitelen op de hoeken van de absis (het halfronde gedeelte) zijn van Karolingische oorsprong.

Geheimzinnige afkomst van de ruine

Het is niet helemaal zeker waarvan de ruïne een overblijfsel is. Hij stond loodrecht op een lange aanbouw. Misschien sloot hij aan op de muur die er haaks op stond, misschien werden de traveeën naar het westen (naar jou als kijker) doorgezet en was het een tijdlang een alleenstaande kapel. Helemaal duidelijk is de functie van het gebouw dus niet.

Als het een kapel is geweest is de naam Sint Maartenskapel niet zo vreemd, want deze heilige was de patroonheilige van de Frankische heersers en de capella, zijn mantel, was de belangrijkste reliek die ze in hun bezit hadden. Ik weet echter niet hoe lang die naam al bestaat.

Omdat er aanwijzingen zijn dat de binnenkant van de apsis (het ronde gedeelte) een oudere kern bevat zou het best eens kunnen zijn dat niet Frederik Barbarossa, maar een heerser vóór hem de oorspronkelijke bouwheer was. Op grond van allerlei overwegingen (zie het hieronder genoemde boek, p. 117 e.d.) lijkt een datering rond 1150-1160 gerechtvaardig te zijn.

Twee verdiepingen

Bouwsporen laten zien dat er vroeger twee verdiepingen waren. Deze waren gescheiden door een houten vloer die later plaats maakte voor een stenen gewelf. Die vloer lag boven de drie rondvensters (oculi, Latijn voor "ogen"). Aan de buitenkant zijn nog veel meer interessante details te bespeuren. Hoe het ook zij, de ruïne nodigt uit tot verder onderzoek.

Voor het doel van deze website laten we het hier maar bij. Als je er (veel) meer over wilt weten zou je je het prachtige boek Het Valkhof, 2000 jaar geschiedenis, Hettie Peterse, Dolly Verhoeven e.a. (red.), ISBN 978 94 6004 185 3 aan kunnen schaffen.